ECLI:NL:RVS:2003:AN7263
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen bouwvergunning voor kantoorgebouw in Hoogvliet
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hoogvliet verleende op 5 juni 2001 een bouwvergunning voor een kantoorgebouw aan een perceel in Hoogvliet. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellanten beroep in bij de rechtbank Rotterdam, dat eveneens ongegrond werd verklaard. Hiertegen werd hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling stelde vast dat het bestemmingsplan "Gadering, eerste herziening" sinds 2 juli 2002 onherroepelijk is geworden en dat het bouwplan voldoet aan de voorschriften van dit bestemmingsplan, waaronder de maximale bouwhoogte. Het geschil richtte zich derhalve uitsluitend op de verleende vrijstelling.
De Afdeling oordeelde dat appellanten geen belang meer hadden bij een inhoudelijke beoordeling van de rechtmatigheid van de verleende vrijstelling, omdat het bestemmingsplan onherroepelijk was en de gestelde schade verband hield met de wijziging van het planologisch regime, waarvoor een aparte procedure openstaat. Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de bouwvergunning is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.