ECLI:NL:RVS:2003:AN7278
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.G. Drupsteen
- L.J. Können
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bodemverontreiniging wegens gebrek aan belanghebbende
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 5 november 2003 uitspraak gedaan in een zaak waarin appellante bezwaar maakte tegen een besluit van het college van gedeputeerde staten van Groningen. Dit besluit betrof de vaststelling van ernstige bodemverontreiniging op een voormalig bedrijfsterrein en de urgentie tot sanering.
De Afdeling stelde ambtshalve vast dat appellante ten tijde van het besluit geen eigenaar of gebruiker was van de betrokken percelen of directe nabijheid daarvan. De afspraken tussen appellante en de gemeente De Marne betroffen privaatrechtelijke verplichtingen die niet rechtstreeks samenhingen met het bestuursrechtelijke besluit. Hierdoor kon appellante niet als belanghebbende worden aangemerkt en had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard moeten worden.
Omdat het bezwaar ten onrechte ontvankelijk was verklaard, oordeelde de Afdeling dat het bestreden besluit in strijd was met de Algemene wet bestuursrecht en vernietigde het besluit. Het bezwaar van appellante werd niet-ontvankelijk verklaard. Tevens werd de provincie Groningen veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De Afdeling besloot zelf in de zaak te voorzien en bepaalde dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit over bodemverontreiniging wordt vernietigd wegens gebrek aan belanghebbende.