ECLI:NL:RVS:2003:AN7850
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- E.M.H. Hirsch Ballin
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vergunning voor uitbreiding overslagbedrijf wegens stofemissie
Bij besluit van 3 juli 2002 verleende het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland aan Europees Massagoed Overslagbedrijf B.V. een vergunning voor het veranderen van de inrichting op een perceel in Rotterdam. De Zuid-Hollandse Milieufederatie stelde beroep in tegen deze vergunning, stellende dat onvoldoende maatregelen ter beperking van stofhinder waren getroffen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak op 17 april 2003 behandeld en overwogen dat alleen de milieugevolgen van de uitbreiding beoordeeld konden worden. De reeds geldende revisievergunning met voorschriften voor stofemissies was ook van toepassing op de uitbreiding. De extra uitstoot van stof werd geschat op circa 5,5% en de getroffen maatregelen voldeden aan het ALARA-beginsel.
Verder werd geoordeeld dat het betrekken van een toekomstige aanscherping van de fijnstofgrenswaarde niet relevant was omdat deze niet in het Besluit luchtkwaliteit was opgenomen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verleende milieubelastingvergunning voor de uitbreiding van het overslagbedrijf wordt ongegrond verklaard.