ECLI:NL:RVS:2003:AN8361
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bestuursdwangaanschrijving voor illegale verhardingen en ophogingen in parkgebied Boxtel
Het college van burgemeester en wethouders van Boxtel heeft appellant aangeschreven om zonder aanlegvergunning aangebrachte verhardingen, parkeerplaatsen en een aarden wal te verwijderen in het bestemmingsplan 'Moorwijk'. Het bezwaar van appellant werd ongegrond verklaard, waarna de rechtbank het beroep grotendeels ongegrond verklaarde en niet-ontvankelijk voor een deel. Appellant stelde dat het ging om onderhoud en dat geen vergunning nodig was, maar de Raad van State oordeelde dat het om nieuwe verhardingen ging die vergunningplichtig zijn.
De Raad van State bevestigde dat het college bevoegd was bestuursdwang toe te passen omdat de werkzaamheden in strijd waren met het bestemmingsplan en de landschappelijke waarde onevenredig aantasten. De aangelegde toegangswegen, parkeerplaatsen en het verharde voetpad voldeden niet aan de planvoorschriften en konden niet worden gelegaliseerd.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de situaties niet vergelijkbaar zijn. Ook het argument dat de aarden wal het gevolg was van een verleende bouwvergunning bood geen grond om af te zien van handhaving. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de handhaving van de bestuursdwangaanschrijving bevestigd.