ECLI:NL:RVS:2003:AN8403
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- R.W.L. Loeb
- I. Sluiter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning herstel fundering ondanks bezwaar eigenaren
Het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht verleende op 24 september 2002 een bouwvergunning voor het herstel van de fundering van een huizenblok. Appellanten, eigenaren van een woning binnen het huizenblok, maakten bezwaar tegen deze vergunning omdat zij van mening waren dat de funderingswerkzaamheden niet noodzakelijk waren. Zij stelden dat de heipalen onder hun woning altijd droog stonden en dat er geen scheuren of scheefstand waren.
Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en de voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht wees het beroep van appellanten op 27 augustus 2003 af. Appellanten gingen in hoger beroep bij de Raad van State en vroegen tevens om een voorlopige voorziening. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak op 30 oktober 2003.
De Raad overwoog dat de door appellanten aangevoerde omstandigheden onvoldoende waren om de bouwvergunning te weigeren. Er was geen grond om het besluit van de voorzieningenrechter te vernietigen. Verder werd geoordeeld dat nader onderzoek niet nodig was en dat onmiddellijke uitspraak in de hoofdzaak mogelijk was. De hoger beroepen werden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen voorlopige voorziening getroffen en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de voorzieningenrechter en wijst het hoger beroep en verzoek om voorlopige voorziening af.