ECLI:NL:RVS:2003:AN9254
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Dolman
- R.J. Hoekstra
- A. Kosto
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen goedkeuring bestemmingsplan Marcanti-eiland met hoogbouw tot 50 meter
De stadsdeelraad van Westerpark stelde op 18 juni 2002 het bestemmingsplan Marcanti-eiland vast, dat onder meer hoogbouw tot 50 meter toestaat. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland keurde dit plan op 21 januari 2003 goed. De vereniging De Hollandsche Molen stelde beroep in tegen deze goedkeuring en voerde procedurefouten aan, alsmede bezwaren tegen de gevolgen van de hoogbouw op de windsituatie bij de nabijgelegen Rijksmonumentale houtzaagmolen.
De Raad van State oordeelde dat de procedurele bezwaren ongegrond zijn. Er was geen sprake van onrechtmatige wijzigingen in het ontwerpplan, het vereiste overleg met de Rijksdienst voor Monumentenzorg was gevoerd, en de hoorzittingseisen waren nageleefd. Ook de vermeende druk op de stadsdeelraad en het ontbreken van kennisgeving aan de appellant konden het besluit niet aantasten.
Ten aanzien van de hoogbouw concludeerde de Afdeling dat de onderzoeken naar de effecten op het windklimaat zorgvuldig waren uitgevoerd en geen zodanige gebreken vertoonden dat de goedkeuring onrechtmatig was. De negatieve invloed op de molen was relatief gering en werd afgewogen tegen het algemeen belang van woningbouw. De molen is niet bedrijfsmatig in gebruik en er zijn mogelijkheden om de achteruitgang in windsituatie te compenseren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de goedkeuring van het bestemmingsplan Marcanti-eiland wordt ongegrond verklaard.