ECLI:NL:RVS:2003:AO0299
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- A.J. Kuipers
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging revisievergunning milieu vanwege onnodige bodemonderzoekseis
De zaak betreft het beroep van Adico Milieutechniek B.V. tegen een revisievergunning verleend door het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland voor milieubelastende activiteiten op een locatie in Zuid-Holland. De vergunning omvat voorschriften ter bescherming van het milieu, waaronder een verplicht bodemonderzoek bij beëindiging van de inrichting en bij het verstrijken van de vergunning.
Appellante betoogde dat het voorschrift dat een bodemonderzoek vereist bij het verstrijken van de vergunning onnodig is en onredelijke kosten veroorzaakt, omdat al een bodemonderzoek bij beëindiging van de inrichting verplicht is. Verweerder stelde dat het onderzoek bij het verstrijken van de vergunning noodzakelijk kan zijn ter milieubescherming, ook als activiteiten worden voortgezet zonder nieuwe vergunning.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het voorschrift onnodig is voor milieubescherming omdat voortzetting zonder vergunning verboden is en kan worden gehandhaafd. Daarom is het voorschrift in strijd met artikel 8.11, derde lid, van de Wet milieubeheer en wordt het vernietigd. De overige beroepsgronden, waaronder de keuringseisen voor vloeistofdichte vloeren, worden ongegrond verklaard omdat de aanvraag en voorschriften aansluiten bij de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat de onrechtmatigheid nog niet tot schade heeft geleid. De provincie Zuid-Holland wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De Afdeling verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond en vernietigt het besluit slechts voor het betwiste onderdeel.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard en het voorschrift over bodemonderzoek bij het verstrijken van de vergunning wordt vernietigd.