ECLI:NL:RVS:2003:AO0355
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verplichting tot medewerking aan rijvaardigheidsonderzoek na onjuiste bediening voertuig
Appellante werd door de Minister van Verkeer en Waterstaat verplicht mee te werken aan een onderzoek naar haar rijvaardigheid op grond van een vermoeden dat zij niet langer over de vereiste rijvaardigheid beschikt. Dit vermoeden was gebaseerd op een schriftelijke mededeling van de politie over onjuiste bediening van het voertuig, waaronder het intrappen van het verkeerde pedaal.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat de politie onzorgvuldig en onvolledig had gehandeld bij het vaststellen van het vermoeden, maar de Raad van State oordeelde dat de minister terecht had geoordeeld dat het vermoeden gerechtvaardigd was op basis van de feiten en omstandigheden, waaronder de verklaring van de verbalisant.
De Raad van State vond geen aanleiding om de wijze van totstandkoming van de mededeling onzorgvuldig te achten en verwierp het hoger beroep. De uitspraak van de voorzieningenrechter werd bevestigd zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de verplichting tot medewerking aan het rijvaardigheidsonderzoek bevestigd.