ECLI:NL:RVS:2003:AO1298
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- I.A. Molenaar
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning woninguitbreiding
Het college van burgemeester en wethouders van Renkum verleende op 17 december 2002 een bouwvergunning voor het vergroten van een woning op een perceel te Renkum. Verzoeker maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat grotendeels ongegrond werd verklaard door het college op 1 september 2003. Vervolgens verklaarde de voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem het beroep van verzoeker tegen de vergunning ongegrond op 23 oktober 2003.
Verzoeker stelde daarop hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om de bouwactiviteiten te staken. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het verzoek op 18 december 2003, waarbij partijen werden gehoord.
De Voorzitter oordeelde dat de bouwwerkzaamheden al in een vergevorderd stadium waren en dat de vereiste onverwijlde spoed voor het treffen van een voorlopige voorziening ontbrak. Daarom werd het verzoek afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning wordt afgewezen wegens het ontbreken van onverwijlde spoed.