ECLI:NL:RVS:2003:AO1312
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen opschorting vergunning verbouwing monument
Het college van burgemeester en wethouders van Hunsel verleende op 1 april 2003 een vergunning aan verzoeker voor het verbouwen en herstellen van een pand dat onder de Monumentenwet 1988 valt. De vereniging De Kring maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde De Kring beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. De Kring stelde hoger beroep in bij de Raad van State, waardoor de werking van de vergunning op grond van artikel 16, zevende lid, van de Monumentenwet 1988 werd opgeschort.
Verzoeker vroeg de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak om een voorlopige voorziening om deze opschorting op te heffen, omdat uitstel zou leiden tot verhoogd instortingsrisico en oplopende kosten. De Voorzitter oordeelde dat hoewel het pand in slechte staat verkeert en uitstel mogelijk hogere kosten veroorzaakt, niet is uitgesloten dat het hoger beroep succesvol zal zijn. Bovendien kan gevaarzetting door instorting worden beperkt door het plaatsen van hek- en stutwerk.
Daarom zag de Voorzitter onvoldoende reden om de opschorting op te heffen en wees het verzoek af. Wel werd aangegeven dat de behandeling van de hoofdzaak versneld dient te worden. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om opheffing van de opschorting van de vergunning werd afgewezen.