ECLI:NL:RVS:2004:AO2838
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- J.A.M. van Angeren
- E.A. Alkema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking documenten in strafrechtelijk onderzoek op grond van WOB
Appellant verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) om afschriften van documenten die over zijn persoon waren opgemaakt in een strafrechtelijk onderzoek. De korpsbeheerder weigerde deze openbaar te maken en verwees het verzoek door naar de Minister van Justitie. Appellant maakte bezwaar tegen deze fictieve weigering en stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste of de korpsbeheerder terecht het belang van de persoonlijke levenssfeer, de opsporing en vervolging van strafbare feiten en het voorkomen van onevenredige benadeling van derden zwaarder heeft laten wegen dan het algemene belang bij openbaarmaking.
De Raad van State oordeelde dat de korpsbeheerder in redelijkheid tot weigering kon besluiten, mede omdat de stukken inzicht geven in opsporingsstrategieën en informatie bevatten over vele potentiële verdachten. Anonimisering en opschoning boden onvoldoende mogelijkheden om openbaarmaking toe te staan zonder opsporingsmethoden prijs te geven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de korpsbeheerder om de gevraagde documenten openbaar te maken.