ECLI:NL:RVS:2004:AO4360
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.H.B. van der Meer
- J.A.M. van Angeren
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over vaststelling schadeloosstelling door Instituut Zorgverzekering voor Ambtenaren
Het dagelijks bestuur van het Instituut Zorgverzekering voor Ambtenaren Nederland (IZA) stelde in 1997 de door appellant verschuldigde schadeloosstelling vast. Appellant maakte bezwaar, dat in eerste instantie ongegrond werd verklaard. De rechtbank te Utrecht verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit deels, waarna het IZA een nieuw besluit nam met een regeling voor bindend advies bij onenigheid.
Appellant stelde dat het IZA niet zonder overleg met hem gebruik mocht maken van haar bevoegdheid tot vaststelling van de schadeloosstelling. De rechtbank oordeelde echter dat het IZA conform de regeling en het gevoerde beleid bevoegd was dit te doen, mits overleg over de hoogte van de schadeloosstelling plaatsvindt. Er waren geen bijzondere omstandigheden die afwijking van dit beleid rechtvaardigden.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak benadrukt het belang van het wettelijke kader en het beleidsmatige overleg tussen het IZA en het bestuur, zonder dat voorafgaand overleg met appellant vereist is voor het vaststellen van de schadeloosstelling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.