ECLI:NL:RVS:2004:AO4729
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- D. Dolman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen goedkeuring uitwerkingsplan Dorpen Odijk
Het college van burgemeester en wethouders van Bunnik stelde op 4 november 2003 het uitwerkingsplan “UW IX 2e fase van het bestemmingsplan Dorpen Odijk” vast, waarna het college van gedeputeerde staten van Utrecht dit plan goedkeurde op 9 december 2003. Verzoekers dienden op 20 januari 2004 beroep in en verzochten om een voorlopige voorziening tegen de goedkeuring van het plan.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 13 februari 2004, waarbij partijen werden gehoord. Verzoekers stelden dat de inspraakprocedure illusoir was, zij onvoldoende betrokken waren bij de planvoorbereiding, het plan onvoldoende parkeerplaatsen bevat, de bebouwingsdichtheid te hoog is, het appartementencomplex te hoog is, de groenvoorziening ontoereikend is, het plan ten onrechte gefaseerd wordt uitgevoerd, de afstand tot hun woningen te gering is, en dat wegen verbreed moeten worden vanwege verkeersveiligheid en toename.
De Voorzitter overwoog dat de inspraak niet onrechtmatig was, dat de betrokkenheid van verzoekers voldoende was aangetoond, en dat de parkeernormen en bebouwingsdichtheid binnen de uitwerkingsregels vielen. De hoogte van het appartementencomplex en de afstemming met het uitwerkingsplan Peek werden als niet spoedeisend beoordeeld. Ook de groenvoorziening en afstand tot woningen waren acceptabel. De noodzaak tot verbreding van wegen was onvoldoende aangetoond en het bezwaar tegen gefaseerde uitvoering was niet aan de orde in deze procedure.
Gelet hierop concludeerde de Voorzitter dat de beoordelingsmarges niet waren overschreden en het recht juist was toegepast. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de goedkeuring van het uitwerkingsplan wordt afgewezen.