ECLI:NL:RVS:2004:AO4796
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- R.A. de Wit
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verwijdering zonder vergunning opgerichte overkapping in beschermd dorpsgezicht
Het college van burgemeester en wethouders van Boarnsterhim heeft appellant gelast een zonder bouwvergunning opgericht botenhuis op zijn perceel te verwijderen, onder oplegging van dwangsommen. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het handhavingsbesluit, maar zowel het college als de rechtbank verklaarden dit ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat het botenhuis als bouwwerk moet worden aangemerkt op grond van de bouwverordening, ondanks dat het dekzeil niet verankerd is en de constructie uit palen bestaat. Het perceel heeft de bestemming “Uitbreiding in verdere toekomst” en het botenhuis is daarmee in strijd met het bestemmingsplan, aangezien bebouwing pas is toegestaan na vaststelling van een gedetailleerd uitbreidingsplan.
Verder is vastgesteld dat er geen concreet zicht bestaat op legalisering van het botenhuis en dat het betoog van appellant over verjaring niet kan worden gevolgd omdat het handhavend optreden tijdig is gestart. De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank, met verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit tot verwijdering van het botenhuis wordt bevestigd.