ECLI:NL:RVS:2004:AO5221
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning en vrijstelling voor appartementencomplex binnen bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Zijpe verleende op 19 juni 2001 een bouwvergunning voor een appartementencomplex op een perceel met de bestemming verblijfsrecreatieve doeleinden. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Alkmaar verklaarde het beroep van appellant tegen de vergunning eveneens ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat het bouwplan niet binnen de hoofdcontouren van het bestemmingsplan paste en dat de overschrijding van de bebouwingsgrenzen en bouwhoogte groter was dan toegestaan volgens artikel 6, vijfde lid, van de planvoorschriften. De Raad van State oordeelde dat het college bevoegd was de vrijstellingen te verlenen, omdat de overschrijdingen binnen de toegestane grenzen bleven en de balkons als ondergeschikte bouwdelen konden worden aangemerkt.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat het college na belangenafweging in redelijkheid de vrijstelling en bouwvergunning had kunnen verlenen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de bouwvergunning met vrijstellingen bevestigd.