ECLI:NL:RVS:2004:AO6074
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J. Hoekstra
- P.J.J. van Buuren
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar vijfbanenstelsel Schiphol
Bij besluit van 23 oktober 1996 heeft de Minister van Verkeer en Waterstaat, in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, toepassing gegeven aan artikel 27 van Pro de Luchtvaartwet voor het luchtvaartterrein Schiphol, het zogenoemde A-besluit. Diverse besluiten en uitspraken volgden, waarbij bezwaren tegen het A-besluit werden behandeld en gedeeltelijk vernietigd. In 2003 trad de Schipholwet in werking, waardoor het A-besluit verviel.
De Staatssecretaris besloot op 23 mei 2003 het bezwaar van appellante, De Groene Groep Ontwikkeling B.V., tegen het vijfbanenstelsel niet-ontvankelijk te verklaren omdat het A-besluit was vervallen. Appellante stelde dat zij recht had op vergoeding van kosten van juridische bijstand vanwege de lange duur van de bezwaarprocedures.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat verweerder terecht uitging van de geldende wettelijke situatie waarin het A-besluit was vervallen en dat appellante niet had verzocht om vergoeding van kosten. Daarom was het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar terecht en was het beroep ongegrond. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar tegen het vijfbanenstelsel wordt ongegrond verklaard.