ECLI:NL:RVS:2004:AO7103
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vergunning voor dierenpension ondanks geluidhinderbezwaren
Bij besluit van 8 juli 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder een vergunning aan een vergunninghouder voor het oprichten en in werking hebben van een dierenpension. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit vanwege vrees voor onaanvaardbare geluidoverlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep behandeld en beoordeeld aan de hand van de Wet milieubeheer en de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening. De vergunning bevatte voorschriften die geluidniveaus strikt begrenzen, waarbij rekening is gehouden met het referentieniveau van het omgevingsgeluid en aanvullende maatregelen zoals een betonnen schutting en isolatie van de binnenkennels.
Uit het akoestisch rapport en aanvullende verklaringen van de vergunninghouder blijkt dat de geluidgrenswaarden, ook in de vakantieperiode, kunnen worden nageleefd. De Afdeling concludeert dat de geluidvoorschriften voldoende bescherming bieden tegen geluidhinder en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de milieuvergunning voor het dierenpension wordt ongegrond verklaard.