ECLI:NL:RVS:2004:AO7141
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens onvoldoende lichamelijke geschiktheid
De Minister van Verkeer en Waterstaat heeft op 29 mei 2002 vastgesteld dat appellant niet voldoet aan de eisen van lichamelijke geschiktheid voor het rijbewijs, gebaseerd op een onderzoek dat leidde tot de diagnose alcoholafhankelijkheid en alcoholmisbruik. Het rijbewijs van appellant werd ongeldig verklaard voor alle categorieën. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, maar zowel het bezwaar als het beroep werden ongegrond verklaard.
In hoger beroep betoogde appellant dat het onderzoek onzorgvuldig was, omdat hij slechts enkele minuten werd onderzocht, en dat hij zich verbeterd heeft en zijn rijbewijs nodig heeft voor zijn werk. De Raad van State oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was en dat de Minister terecht het rijbewijs ongeldig heeft verklaard. De mogelijkheid tot een tweede onderzoek was aan appellant geboden, maar hij had hiervan afgezien.
De Raad van State benadrukte dat de procedure een bestuurlijke maatregel betreft ter bescherming van de verkeersveiligheid en geen strafrechtelijke sanctie. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Zutphen werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het rijbewijs van appellant blijft ongeldig wegens onvoldoende lichamelijke geschiktheid.