ECLI:NL:RVS:2004:AO7520
Raad van State
- Herziening
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H.G. Lubberdink
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraken inzake sluiting en vergunning Drank- en Horecawet
Verzoekers hebben bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek ingediend tot herziening van eerdere uitspraken van 10 oktober 2001, waarin de rechtbankuitspraken waren bevestigd die het bezwaar tegen de sluiting van een horeca-inrichting en de intrekking van de drank- en horecavergunning ongegrond verklaarden.
De verzoeken tot herziening zijn beoordeeld aan de hand van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat herziening mogelijk maakt indien nieuwe feiten of omstandigheden aan het licht komen die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden.
Verzoekers stelden dat het besluit tot intrekking van de vergunning als ingetrokken moest worden beschouwd vanwege de heropening van de horeca-inrichting, en verwezen naar een rapport van de Klachtencommissie Politie Drenthe dat onjuistheden in processen-verbaal aan het licht bracht. Deze feiten waren echter al bekend of werden niet als nieuw erkend.
De Afdeling concludeerde dat geen nieuwe feiten waren aangevoerd die een andere uitspraak zouden rechtvaardigen en wees daarom de verzoeken tot herziening af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van eerdere bestuursrechtelijke uitspraken wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten.