ECLI:NL:RVS:2004:AO7912
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- T.D. Geertsema
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen lasten onder dwangsom voor mobiele puinbreker in Overijssel ongegrond verklaard
Bij besluit van 30 september 2002 legde het college van gedeputeerde staten van Overijssel aan appellant lasten onder dwangsom op wegens overtreding van voorschriften verbonden aan een milieuvergunning voor het gebruik van een mobiele puinbreker. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in bij de Raad van State.
Tijdens de procedure werd vastgesteld dat per 1 maart 2004 een nieuw Besluit mobiel breken bouw- en sloopafval van kracht is, dat de oude vergunning vervangt. Verweerder gaf aan dat appellant de puinbreker niet meer in werking heeft in Overijssel, waardoor het belang bij beoordeling van de dwangsommen voor sommige voorschriften is komen te vervallen. Daarom werd het beroep voor die voorschriften niet-ontvankelijk verklaard.
Appellant voerde aan dat de hoorcommissie niet onafhankelijk zou zijn en dat de RAW-standaard niet de laatste stand der techniek weerspiegelt, en dat de begunstigingstermijn van twee weken te kort is. De Raad van State oordeelde dat de hoorcommissie volgens de wet juist was samengesteld en dat het voorschrift 4.8 onherroepelijk is. Het granulaat moest aantoonbaar voldoen aan de RAW-bepalingen voordat verwerking mocht plaatsvinden. Appellant had dit niet kunnen aantonen, waardoor handhaving terecht was. Het beroep werd daarom voor het overige ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 21 april 2004.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard wegens onbetwiste overtredingen en toepasselijkheid nieuw besluit.