ECLI:NL:RVS:2004:AO7986
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- F.P. Zwart
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevoegdheid college voor vrijstelling woninguitbreiding binnen bebouwde kom
Het college van burgemeester en wethouders van Lopik verleende op 11 september 2001 vrijstelling voor het vergroten van een woning en het oprichten van een schuur binnen de bebouwde kom. Appellanten stelden dat het college hiertoe niet bevoegd was, mede vanwege het provinciaal beleid en de ligging van de schuur op agrarisch gebied met landschappelijke waarde.
De rechtbank Utrecht oordeelde dat de woning binnen de bebouwde kom ligt en dat de schuur als bijgebouw functioneel ten dienste staat van de woning, waardoor het college bevoegd was de vrijstelling te verlenen. Dit oordeel werd bekrachtigd door de Raad van State.
De Raad van State stelde vast dat de rode contouren in het streekplan slechts de stedelijke uitbreidingsgrenzen aangeven en niet de bebouwde kom definiëren. Omdat het aantal woningen binnen de bebouwde kom niet toeneemt, was het college bevoegd tot vrijstelling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.