ECLI:NL:RVS:2004:AO9196
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- Ch.W. Mouton
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging van milieuvergunning wegens onredelijke voorschriften en schending zorgvuldigheidsbeginsel
Bij besluit van 29 april 2003 verleende het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een revisievergunning aan appellante voor een inrichting gericht op het bewerken en scheiden van speciale gereedschappen. Appellante stelde beroep in tegen het besluit, met name tegen diverse vergunningvoorschriften en overwegingen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beroep niet-ontvankelijk was voor het voorschrift betreffende emissiemetingen (2.2.1). Verder werden bezwaren tegen overwegingen in de considerans verworpen omdat deze niet op rechtsgevolg gericht zijn. Wel werd geoordeeld dat enkele voorschriften, zoals de bedrijfstijden (1.1.1), signaleringsvoorschriften (2.4.1 en 2.4.2), en bepaalde voorschriften uit de CPR 15-1 en andere onderdelen, onredelijk of in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel zijn verbonden en daarom vernietigd moeten worden.
De Afdeling bevestigde dat andere voorschriften, zoals registratie van energieverbruik, afvalbeheer, en geluidnormen, redelijk en noodzakelijk zijn ter bescherming van het milieu. Het beroep werd daarom gedeeltelijk gegrond verklaard en het besluit op de genoemde punten vernietigd. De provincie Noord-Brabant werd gelast het griffierecht aan appellante te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard en diverse voorschriften van de milieuvergunning vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel.