ECLI:NL:RVS:2004:AO9675
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- P.C.E. van Wijmen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning lozing afvalstoffen op oppervlaktewater wegens onduidelijke voorschriften
Verweerders verleenden een vergunning voor onbepaalde tijd aan een bloembollenteeltbedrijf voor het lozen van afvalstoffen op oppervlaktewater. Appellanten, twee milieuverenigingen, stelden beroep in tegen dit besluit wegens onder meer het ontbreken van concrete waterkwaliteitsnormen, ontoereikende voorschriften en het ontbreken van een bemonsteringsplicht.
De Raad van State oordeelde dat een deel van de beroepsgronden niet-ontvankelijk was omdat de bedenkingen niet tijdig waren ingebracht. Ten aanzien van de inhoudelijke gronden stelde de Afdeling vast dat het bestuursorgaan zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het stellen van concrete doelvoorschriften en een bemonsteringsplicht momenteel niet mogelijk was. Wel werden enkele voorschriften vernietigd omdat termen als “in principe” en “belangrijke teelttechnische redenen” onvoldoende duidelijk waren, wat in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel.
De Afdeling vernietigde deze onderdelen van het besluit en droeg het bestuursorgaan op binnen drie maanden een nieuw besluit te nemen. Verder werden verweerders veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit is gedeeltelijk vernietigd wegens onduidelijke voorschriften en het bestuursorgaan moet binnen drie maanden een nieuw besluit nemen.