ECLI:NL:RVS:2004:AO9719
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke gegrondverklaring hoger beroep tegen weigering vrijstelling en bestemmingsplanwijziging voor opslag en stalling in agrarisch gebied
Het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe weigerde vrijstelling en wijziging van het bestemmingsplan voor de vestiging van Transpose V.O.F. op een perceel in agrarisch gebied met landschapswaarden. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellanten tegen deze weigering ongegrond. Appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad oordeelde dat het college ten onrechte het verzoek van appellanten beperkte tot toepassing van artikel 31, vierde lid, van de planvoorschriften, terwijl appellanten ook planologische medewerking voor vestiging van Transpose wensten. De Raad vernietigde daarom het deel van de uitspraak en het besluit van het college dat betrekking had op het niet beslissen op verzoeken om vrijstelling en bestemmingsplanwijziging op grond van artikelen 32 en 33.
Het college nam daarop een nieuw besluit waarin werd gesteld dat niet voldaan was aan de voorwaarden voor vrijstelling en wijziging. Het beroep tegen dit gewijzigde besluit werd door de Raad ongegrond verklaard. De Raad veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten.
De uitspraak bevestigt het belang van een juiste beoordeling van aanvragen voor vrijstelling en bestemmingsplanwijziging en benadrukt dat het college niet zonder meer mag aannemen dat een aanvraag beperkt is tot een bepaald artikel. De zaak illustreert de toepassing van planvoorschriften in agrarische gebieden en de afwegingen rond het meest doelmatig gebruik van gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard en het eerdere besluit en uitspraak vernietigd voor zover het niet beslissen op verzoeken om vrijstelling en wijziging betreft; het latere besluit is bevestigd en het beroep daarop ongegrond verklaard.