ECLI:NL:RVS:2004:AP1587
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.M.H. Hirsch Ballin
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit hogere geluidgrenswaarden industrieterrein luchthaven Lelystad
Bij besluit van 22 oktober 2002 stelde het college van gedeputeerde staten van Flevoland hogere grenswaarden vast voor de geluidbelasting vanwege het industrieterrein luchthaven Lelystad, waaronder voor woningen van appellanten aan twee locaties te Lelystad. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat bij besluit van 28 maart 2003 ongegrond werd verklaard. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de geluidbelasting vanwege het industrieterrein niet kon worden beperkt tot de wettelijke voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) door bron- en overdrachtsmaatregelen. De geluidbelasting door het proefdraaien van vliegtuigen valt onder de Luchtvaartwet en is terecht niet meegenomen in de akoestische onderzoeken. Voor de woning van appellant sub 1 werd een hogere waarde van 56 dB(A) vastgesteld, wat geoorloofd is gelet op de afstand tot het industrieterrein en het luchtvaartterrein.
Appellanten stelden dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de cumulatie van geluidbelasting door verschillende bronnen, waaronder luchtvaartverkeer en wegverkeer. De Afdeling constateerde dat de hoogte van de gecumuleerde geluidbelasting niet bekend was en dat het besluit hierover niet deugdelijke gemotiveerd was, waardoor het besluit in strijd is met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Gelet op deze gebreken verklaarde de Afdeling de beroepen gegrond en vernietigde het bestreden besluit. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellant sub 1 en werd vergoeding van griffierechten aan appellanten opgelegd.
Uitkomst: Het besluit tot vaststelling van hogere geluidgrenswaarden wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering over cumulatie van geluidbelasting.