ECLI:NL:RVS:2004:AP1627
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- K. Brink
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning schapenhouderij wegens afwijking locatiebesluit
Bij besluit van 25 november 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Ameland een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een schapenhouderij aan het Tjettepad te Hollum. De vergunning betrof het houden van 110 schapen en 1 paard in één stal op een specifieke locatie zoals aangevraagd.
Appellant stelde beroep in tegen dit besluit omdat het college voorschrift 1.13 had toegevoegd, waarin werd bepaald dat de stal op een andere locatie moest worden gebouwd dan aangevraagd. Het college beriep zich op de Wet ammoniak en veehouderij, die een zone van 250 meter rond kwetsbare gebieden beschermt, waardoor de aangevraagde locatie niet geschikt zou zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college niet van de aangevraagde locatie mag afwijken en dat het bevoegd gezag de aanvraag moet beoordelen op de grondslag zoals ingediend. Door het voorschrift 1.13 te verbinden aan het besluit heeft het college de grondslag verlaten, wat strijdig is met het stelsel van de Wet milieubeheer.
Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de gemeente Ameland werd veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De overige beroepsgronden werden niet behandeld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens afwijking van de aangevraagde locatie.