ECLI:NL:RVS:2004:AP1629
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- M. Oosting
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning milieubeheer wegens onvoldoende motivering geluidhinder
Bij besluit van 13 oktober 2003 verleende het college burgemeester en wethouders van Liesveld een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor op- en overslag van smeermiddelen en aanverwante activiteiten op een perceel te Groot Ammers. Appellant, eigenaar van een aangrenzend perceel, stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat onder meer een geluidrapport ontbrak en dat de geluidgrenswaarden onjuist waren vastgesteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het ontbreken van een akoestisch rapport niet leidt tot vernietiging omdat het bevoegd gezag niet verplicht was dit te verlangen. Wel werd geoordeeld dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het referentieniveau van het omgevingsgeluid niet voor de avondperiode was vastgesteld, terwijl de inrichting ook in die periode in werking is. Tevens was de vrijstelling van piekgeluidgrenswaarden voor verkeersbewegingen op de toegangsweg onbegrensd en onvoldoende gemotiveerd.
Verder werd vastgesteld dat het college terecht gebruik maakte van een bodemonderzoek uit 1993, maar dat de termijn van zes maanden voor aanvullend onderzoek redelijk was. De bezwaren tegen externe veiligheid en stofhinder werden ongegrond verklaard. Gelet op het belang van geluidhinder voor de vergunningverlening werd het gehele besluit vernietigd en werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent geluidhinder en onjuiste toepassing van het referentieniveau van het omgevingsgeluid.