ECLI:NL:RVS:2004:AP3388
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- K. Brink
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen revisievergunning nertsenhouderij wegens stank- en geluidshinder
Bij besluit van 29 juli 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Boxmeer een revisievergunning aan een vergunninghouder voor het houden van 3.000 fokteven van nertsen in een Groen Labelstal. Stichting Bont voor Dieren stelde beroep in tegen dit besluit vanwege vermeende overschrijding van minimale afstandsnormen voor geurhinder, onvoldoende beoordeling van cumulatieve stankhinder en te hoge piekgeluidgrenswaarden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het beroep behandeld en overwogen dat de minimale afstand van 125 meter tot het dichtstbijzijnde stankgevoelige object, een woning, wordt gehaald omdat de afstand wordt gemeten vanaf de nertsenkooien en niet vanaf de gevel van de overkapping zonder muren. Ook is geoordeeld dat de cumulatieve stankhinder adequaat is beoordeeld, waarbij andere omliggende bedrijven geen significante bijdrage leveren. Verder zijn de piekgeluidgrenswaarden voor de avond- en nachtperiode passend en conform de Handreiking industrielawaai.
De Afdeling concludeert dat het college zijn beoordelingsvrijheid binnen de grenzen van de Wet milieubeheer en de meest recente milieutechnische inzichten heeft uitgeoefend. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisievergunning voor de nertsenhouderij wordt ongegrond verklaard.