ECLI:NL:RVS:2004:AP4693
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- R.C.S. Bakker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ontheffing doden reëen in belang verkeersveiligheid
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende op 7 januari 2004 ontheffing aan de Fauna- en wildbeheereenheid Salland-Midden voor het doden van reëen met het geweer in bepaalde gemeenten tot en met 31 december 2006, met als doel de verkeersveiligheid te verbeteren.
De stichting De Faunabescherming stelde bezwaar en beroep in tegen deze ontheffing. De voorzieningenrechter van de rechtbank Zwolle verklaarde het beroep gegrond voor zover het de periode na 31 december 2004 betrof en schortte de ontheffing voor die periode op. Het college nam een nieuwe beslissing op bezwaar.
Verzoekster vroeg vervolgens bij de Raad van State om een voorlopige voorziening om de ontheffing te schorsen tijdens het hoger beroep. De Voorzitter oordeelde dat het niet aannemelijk was dat de uitspraak in de bodemprocedure geen stand zou houden, mede omdat het doden van maximaal 88 bokken en zieke dieren in 2004 waarschijnlijk bijdraagt aan verkeersveiligheid.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ontheffing voor het doden van reëen wordt afgewezen.