ECLI:NL:RVS:2004:AP8138
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- H. Troostwijk
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van gebiedsontzeggingen door burgemeester Heerlen op grond van APV
De burgemeester van Heerlen heeft meerdere besluiten genomen om appellant sub 2 gebiedsontzeggingen op te leggen op grond van artikel 2.4.25 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). De rechtbank Maastricht verklaarde enkele beslissingen op bezwaar gegrond en vernietigde andere, onder meer vanwege een mandaatsgebrek en onvoldoende onderbouwing van gedragingen.
De burgemeester stelde hoger beroep in tegen deze vernietigingen en voerde aan dat het mandaatsgebrek was hersteld door de beslissingen op bezwaar en dat er voldoende gedragsgegevens waren om de gebiedsontzeggingen te rechtvaardigen. De Raad van State oordeelde dat de burgemeester bevoegd was en dat het mandaatsgebrek in de primaire besluiten was hersteld.
Voorts oordeelde de Raad dat de gebiedsontzeggingen niet in strijd waren met internationale verdragsbepalingen over bewegingsvrijheid, omdat zij gebaseerd waren op een duidelijke wettelijke grondslag, proportioneel waren en gerechtvaardigd door het algemeen belang, mede vanwege overlast door drugsgerelateerde activiteiten.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze de beslissingen op bezwaar had vernietigd en verklaarde het beroep van appellant sub 2 tegen deze besluiten alsnog ongegrond. Voor het overige bevestigde de Raad de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt delen van de uitspraak van de rechtbank en bevestigt de rechtmatigheid van de gebiedsontzeggingen opgelegd door de burgemeester.