ECLI:NL:RVS:2004:AP8192
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- C.H.M. van Altena
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verstrekking persoonsgegevens uit gemeentelijke basisadministratie
Het college van burgemeester en wethouders van Almelo wees op 31 mei 2002 het verzoek van appellant om inlichtingen uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens af. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank Almelo verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de gegevens nodig waren voor het opstellen van een dagvaarding.
De Raad van State overwoog dat het besluit van het college een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is en dat de Wet GBA een restrictieve verstrekking van persoonsgegevens aan derden voorschrijft. De gegevensverstrekking aan derden is slechts toegestaan indien noodzakelijk voor de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift en de verzoeker gewoonlijk met gerechtelijke werkzaamheden is belast.
De Afdeling oordeelde dat appellant niet bevoegd is tot het uitbrengen van een dagvaarding, hetgeen een voorwaarde is voor het verkrijgen van de gegevens. Het college heeft daarom terecht geweigerd de persoonsgegevens te verstrekken. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van het college om persoonsgegevens te verstrekken aan appellant.