ECLI:NL:RVS:2004:AP8198
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Beekhuis
- P.A. de Vink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bezwaar over overbrenging afvalstoffen naar Duitsland
Verzoekster, Post Afvalservice B.V., wilde 20.000.000 kg gemengde verpakkingsmaterialen overbrengen naar W.A.R. te Duitsland, waarbij zij dit aangaf als een handeling van nuttige toepassing volgens de Europese Verordening 259/93/EEG. Verweerder, de staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, maakte bezwaar tegen deze classificatie omdat niet duidelijk was of de afvalstoffen daadwerkelijk nuttig werden toegepast, mede omdat bij W.A.R. alleen sorteerhandelingen plaatsvinden en de uiteindelijke bestemming van de afvalstromen onbekend is.
De Voorzitter overwoog dat volgens jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie alleen de eerste handeling na overbrenging bepalend is voor de kwalificatie als nuttige toepassing of verwijdering. Aangezien bij W.A.R. slechts sorteren, zeven en verkleinen plaatsvindt, is er geen sprake van nuttige toepassing. De latere verwerking bij afnemers is niet relevant voor deze beoordeling.
Daarom concludeerde de Voorzitter dat het bezwaar van verweerder terecht was en dat de classificatie op het kennisgevingsformulier onjuist was. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de afvalstoffen bij W.A.R. niet nuttig worden toegepast.