ECLI:NL:RVS:2004:AP8268
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H. Lauwaars
- K. Brink
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning wegens onzorgvuldige geluidsvoorschriften en ondeugdelijke motivering
Bij besluit van 1 september 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een revisievergunning voor een onderhoudswerkplaats ten dienste van een baggerbedrijf op drie locaties in Den Haag. Appellanten, buren van de inrichting, stelden onder meer dat het college niet bevoegd was, onvoldoende onderzoek had gedaan naar de milieugevolgen, en dat de vergunning onaanvaardbare geluidhinder veroorzaakte.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college wel bevoegd was en dat de aanvraag voldoende informatie bevatte. Ook werden bezwaren tegen geurhinder en verkeersgeluid verworpen. Echter, de geluidsvoorschriften in de vergunning voldeden niet aan de vereisten van zorgvuldige voorbereiding en motivering. Zo ontbrak een bestuurlijk afwegingsproces bij het vaststellen van geluidgrenswaarden en waren piekgeluidsnormen niet van toepassing op woningen op het industrieterrein, wat niet verenigbaar was met het gehanteerde toetsingskader.
Gelet op het belang van geluidhinder voor de vergunningverlening werd het besluit in zijn geheel vernietigd. Het college werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierecht aan appellanten. De uitspraak onderstreept het belang van een zorgvuldige en transparante motivering bij milieuregulerende besluiten.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de revisievergunning wordt vernietigd wegens onzorgvuldige geluidsvoorschriften en ondeugdelijke motivering.