ECLI:NL:RVS:2004:AQ1115
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P.A. Offers
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergunning kindercentrum wegens onvoldoende functionarissen en handhavingsverleden
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 21 februari 2002 de aanvraag van Familia Maxima B.V. voor een vergunning voor het kindercentrum aan de Stationsweg 170 afgewezen. Het college baseerde dit op het ontbreken van voldoende functionarissen en het handhavingsverleden van de voorgaande vergunninghouder, Stichting Vill'ABB, dat aan Familia Maxima B.V. werd toegerekend vanwege bestuursverwevenheid.
Familia Maxima B.V. maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit, maar de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde dit beroep ongegrond. In hoger beroep bij de Raad van State werd bevestigd dat Familia Maxima B.V. niet aannemelijk had gemaakt dat zij aan de eisen van de Verordening op de kindercentra 1995 zou voldoen, met name op het gebied van de inzet van functionarissen.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht het handhavingsverleden van Stichting Vill'ABB heeft betrokken bij de weigering, gezien de verwevenheid van de besturen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Een verzoek tot aanhouding van de uitspraak werd afgewezen omdat eerdere besluiten onherroepelijk waren geworden.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van Familia Maxima B.V. wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bevestigd.