ECLI:NL:RVS:2004:AQ3711

Raad van State

Datum uitspraak
15 juli 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
200402537/2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • J.C.K.W. Bartel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening gebruik kantoorruimte in strijd met bestemmingsplan

Verzoekster heeft bij de Raad van State beroep ingesteld tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant tot goedkeuring van het bestemmingsplan "Spoorbuurt" vastgesteld door de gemeenteraad van Breda. Tevens verzocht zij om een voorlopige voorziening om de verdiepingen van het pand aan de Willemstraat 8 als kantoor te mogen gebruiken, ondanks dat het bestemmingsplan dit niet toestaat.

De Voorzitter behandelde het verzoek op 8 juli 2004 en overwoog dat het oordeel voorlopig van aard is en niet bindend in de bodemprocedure. Het verzoek om een voorlopige voorziening die het kantoorgebruik mogelijk maakt, werd als te verstrekkend beoordeeld omdat een dergelijke voorziening niet met een uitspraak van de Afdeling kan worden bewerkstelligd. Een uitspraak zou hooguit kunnen leiden tot onthouding van goedkeuring van het desbetreffende plandeel, maar dat maakt het gewenste gebruik nog niet mogelijk.

Daarom werd het verzoek afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 15 juli 2004 door de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor kantoorgebruik in strijd met het bestemmingsplan is afgewezen.

Uitspraak

200402537/2.
Datum uitspraak: 15 juli 2004
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoekster], gevestigd te [plaats],
en
het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 10 juli 2003 heeft de gemeenteraad van Breda het bestemmingsplan "Spoorbuurt" vastgesteld.
Bij besluit van 10 februari 2004, nummer 930948, heeft verweerder beslist over de goedkeuring van dit plan.
Tegen dit besluit heeft onder meer verzoekster bij brief van 23 maart 2004, bij de Raad van State ingekomen op 24 maart 2004, beroep ingesteld.
Bij brief van 23 maart 2004, bij de Raad van State ingekomen op 24 maart 2004, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 8 juli 2004, waar verzoekster, vertegenwoordigd door mr. E.M. Vos, advocaat te Nijmegen,
en de gemeenteraad van Breda, vertegenwoordigd door A.J.J. Neele, ambtenaar van de gemeente, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. Het verzoek strekt er toe dat de verdiepingen van het pand op het perceel Willemstraat 8 als kantoor mogen worden gebruikt, terwijl het bestemmingsplan niet in die mogelijkheid voorziet. Verzoekster is niet gebaat bij schorsing van het bestreden besluit, waarbij het bestemmingsplan is goedgekeurd, aangezien daarmee het door verzoekster gewenste gebruik niet mogelijk wordt. Een voorlopige voorziening die dat mogelijk maakt is te verstrekkend, aangezien het scheppen van die mogelijkheid niet met een uitspraak van de Afdeling kan worden bewerkstelligd. Die uitspraak zou kunnen strekken tot onthouding van goedkeuring aan het desbetreffende plandeel, doch daarmee zou het gewenste gebruik nog niet mogelijk zijn.
2.3. Het verzoek dient te worden afgewezen.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J.C.K.W. Bartel, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. E. de Groot, ambtenaar van Staat.
w.g. Bartel w.g. De Groot
Voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 15 juli 2004.
210.