ECLI:NL:RVS:2004:AQ3715
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verklaring vakbekwaamheid Wet BIG
Appellante heeft bij de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een aanvraag ingediend voor een verklaring van vakbekwaamheid op grond van artikel 41, eerste lid, onder b, van de Wet BIG. Deze aanvraag is op 10 juni 2002 afgewezen. Het bezwaar van appellante tegen deze afwijzing is eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam heeft het beroep van appellante tegen deze besluiten op 11 november 2003 verworpen.
Appellante stelde in hoger beroep dat haar opleiding gelijkwaardig was aan een Nederlandse opleiding geneeskunde en dat het gelijkheidsbeginsel in haar voordeel diende te worden toegepast, met verwijzing naar andere gevallen waarin verklaringen wel waren afgegeven. De Raad van State oordeelde echter dat de minister terecht heeft geoordeeld dat de opleiding van appellante niet gelijkwaardig of nagenoeg gelijkwaardig was aan een Nederlandse opleiding, en dat de genoemde andere gevallen niet vergelijkbaar zijn.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing werd uitgesproken door een enkelvoudige kamer op 21 juli 2004.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag voor een verklaring van vakbekwaamheid wordt bevestigd.