ECLI:NL:RVS:2004:AQ5724
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- L.E.M. Wilbers-Taselaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering handhaving horeca-activiteiten Muldershuis Eibergen
Het college van burgemeester en wethouders van Eibergen weigerde handhavend op te treden tegen horeca-activiteiten van de Stichting Eibergse Molens in het Muldershuis, omdat er concreet zicht was op legalisering van deze activiteiten. Dit besluit werd door de voorzieningenrechter van de rechtbank Zutphen bevestigd, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het college bevoegd was om handhavend op te treden, maar dat handhaving slechts achterwege mag blijven bij bijzondere omstandigheden zoals concreet zicht op legalisering of onevenredigheid van handhaving. De Raad vond het terecht dat het college op het moment van bezwaarbeslissing zicht had op legalisering, mede vanwege een verklaring van Gedeputeerde Staten en een verleende vrijstelling door het college.
Daarnaast verwierp de Raad het argument van belangenverstrengeling, aangezien het college uit meerdere leden bestaat, het besluit unaniem werd genomen en ondertekend door de loco-burgemeester, en een advies van de Adviescommissie Recht en Burger aan het besluit ten grondslag lag.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college om niet handhavend op te treden wordt bevestigd.