ECLI:NL:RVS:2004:AQ5996
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.E.M. Polak
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering garagevergunning wegens strijd met bestemmingsplan en parkeerbeleid
Appellant verzocht om een garagevergunning voor het gebruik van de beganegrondverdieping van een pand in Amsterdam. Het college van burgemeester en wethouders weigerde deze vergunning omdat het gebruik in strijd was met het bestemmingsplan "Jordaan 1972" en het parkeerbeleid, dat een minimum parkeernorm hanteert die niet werd gehaald.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en bepaalde dat het college een nieuw besluit moest nemen. In hoger beroep oordeelde de Raad van State dat het college het besluit tot weigering van de vergunning niet onredelijk had genomen. De beleidsmatige uitleg van de parkeernorm en de toepassing van het bestemmingsplan waren rechtmatig.
De Raad van State bevestigde dat de wijzigingsbevoegdheid voor inpandige parkeervoorzieningen voorbehouden is aan de gemeenteraad en dat het college dit niet zelfstandig kon toepassen. Het dagelijks bestuur van het stadsdeel had bovendien besloten geen gebruik te maken van deze bevoegdheid.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, waarbij de weigering van de garagevergunning rechtmatig is.