ECLI:NL:RVS:2004:AQ7476
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Ch.W. Mouton
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid schadevergoedingsvordering wegens ontbreken besluit
Appellant vorderde schadevergoeding van de Staatssecretaris van Financiën, welke door de staatssecretaris werd betwist met het standpunt dat geen bezwaar en beroep openstaat. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat de brief van 23 oktober 2002 niet als een besluit in de zin van de Awb kon worden aangemerkt wegens het ontbreken van materiële connexiteit.
Appellant stelde dat de rechtbank ten onrechte de brief niet als besluit kwalificeerde en dat hierdoor artikel 6 EVRM Pro werd geschonden, omdat de burgerlijke rechter voor hem ontoegankelijk zou zijn vanwege advocaatkosten. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de schade voortvloeit uit wetgeving in formele zin en niet uit een bestuursrechtelijke bevoegdheid, waardoor de brief terecht niet als besluit werd aangemerkt.
Verder werd geoordeeld dat het eisen van procesvertegenwoordiging als ontvankelijkheidsvoorwaarde geen schending van artikel 6 EVRM Pro vormt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.