ECLI:NL:RVS:2004:AR2155
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.M. Boll
- T.I. van Koten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake milieuvergunning lozing spuiwater
Bij besluit van 26 mei 2004 heeft het waterschap Hunze en Aa's aan PPG Industries Fiber Glass B.V. een vergunning verleend voor het lozen van spuiwater, spoelwater en hemelwater in oppervlaktewateren nabij Westerbroek. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het verzoek op 30 augustus 2004. Verweerder stelde dat het beroep tegen voorschrift 7 niet-ontvankelijk was omdat verzoekster geen bedenkingen had ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Dit werd bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening ten aanzien van voorschrift 7 werd afgewezen.
Verzoekster betoogde dat voorschrift 13, dat een plan van aanpak en snelle uitvoering van maatregelen vereist om lozingsnormen te halen, te belastend is vanwege de kosten en tijd. Verweerder stelde dat de eisen redelijk en noodzakelijk zijn en niet uitgesteld kunnen worden vanwege investeringskosten.
De Voorzitter oordeelde dat de bevoegdheid tot het stellen van deze eisen niet werd betwist en dat de kosten van andere milieumaatregelen niet meegewogen kunnen worden bij de beoordeling van voorschrift 13. Er waren geen gronden om aan te nemen dat voorschrift 13 onredelijk was. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontvankelijkheidsproblemen en redelijkheid van de vergunningvoorschriften.