ECLI:NL:RVS:2004:AR2510
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.G.C. Wiebenga
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging vergunning lozing stoffen in bollenteeltgebied
Bij besluit van 19 september 2003 verleende het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier aan appellant een vergunning op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo) voor het lozen van stoffen afkomstig van zijn bloembollenteeltbedrijf. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit en voerde meerdere bezwaren aan tegen de vergunningvoorschriften.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het beroep en oordeelde dat het stelsel van de Wvo niet toestaat dat nieuwe percelen zonder nieuwe vergunning onder de bestaande vergunning worden gebracht. Ook werd geoordeeld dat de melding van het beëindigen van gebruik van percelen niet in strijd is met de Wvo. Verder werd vastgesteld dat het voorschrift over het bepalen van windsnelheid niet zorgvuldig was genomen en daarom vernietigd moest worden.
Daarnaast werd een voorschrift over bemestingsadviezen deels vernietigd wegens strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. Andere bezwaren van appellant werden ongegrond verklaard. Het hoogheemraadschap werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het college moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen rekening houdend met deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit wordt gedeeltelijk vernietigd en het college moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.