ECLI:NL:RVS:2004:AR2907
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bezwaar tegen niet-ontvankelijkverklaring bij schadevergoeding vuurwerkramp
Appellante had een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in de schade als gevolg van de vuurwerkramp te Enschede, welke door het bestuur van de Stichting financiële hulpverlening vuurwerkramp op 16 januari 2003 werd afgewezen. Op 11 maart 2003 heeft het bestuur besloten dit besluit niet te herzien. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd op 4 juni 2003 niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank Almelo verklaarde het beroep van appellante tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond, omdat de overschrijding niet verschoonbaar was. Appellante voerde aan dat de psychische noodtoestand van haar directeur en enig aandeelhouder de termijnoverschrijding rechtvaardigde, maar dit werd door de rechtbank en later door de Raad van State verworpen.
De Raad van State oordeelde dat niet aannemelijk was gemaakt dat de directeur door zijn psychische gesteldheid niet in staat was om de belangen van appellante tijdig te behartigen. Hierdoor was de overschrijding onverschoonbaar. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, waardoor het bezwaar niet-ontvankelijk blijft.