ECLI:NL:RVS:2004:AR3327
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- L.E.M. Wilbers-Taselaar
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid beroep inzake dwangsom recreatiewoningen
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hoek van Holland legde bij 45 besluiten dwangsommen op aan 45 personen om voorzieningen te treffen aan recreatiewoningen. Tegen deze besluiten maakten 46 personen bezwaar, namens wie de stichting "Rotterdam aan Zee" optrad. Het dagelijks bestuur verklaarde het bezwaar van een van de personen niet-ontvankelijk, deels gegrond en deels ongegrond voor anderen. De voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk omdat zij geen bezwaar had gemaakt tegen de oorspronkelijke besluiten.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij wel tijdig bezwaar had gemaakt namens de 46 personen. De Raad van State oordeelde dat dit klopt en dat het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard. Daarom vernietigde de Raad van State de uitspraak van de voorzieningenrechter en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor een inhoudelijke beoordeling van het beroep.
Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat appellante geen eigen spoedeisend belang had. De proceskosten in hoger beroep werden vastgesteld en het betaalde griffierecht werd aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank voor inhoudelijke behandeling.