ECLI:NL:RVS:2004:AR5440
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- S.W. Schortinghuis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving illegale opslag bouwmaterialen en werktuigen op agrarische en tuinbestemmingen
Het college van burgemeester en wethouders van Graft-de Rijp heeft appellant gesommeerd om binnen vier weken een einde te maken aan de illegale opslag van bouwmaterialen, apparaten en landbouwwerktuigen op twee percelen met bestemmingen 'Tuin' en 'Agrarische doeleinden'. Het college heeft geen vrijstelling verleend en stelde een dwangsom in bij niet-naleving.
Appellant voerde aan dat het overgangsrecht van toepassing was omdat op het perceel al vóór het bestemmingsplan van 1973 een aannemersbedrijf werd uitgeoefend. De rechtbank en het college oordeelden echter dat het gebruik na 1995 in omvang en aard was gewijzigd en toegenomen, waardoor het overgangsrecht niet meer van toepassing was.
De Raad van State bevestigt dit oordeel en stelt dat het aan appellant is om aannemelijk te maken dat het gebruik onder het overgangsrecht valt. Gezien de toename van de opslag en het ontbreken van concrete aanwijzingen voor legalisatie, is het handhavend optreden van het college gerechtvaardigd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.