ECLI:NL:RVS:2004:AR5467
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- S.W. Schortinghuis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering handhaving tegen gronddepot en bouw zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van 's-Gravenzande weigerde handhavend op te treden tegen een gronddepot op een perceel dat bestemd is voor agrarische doeleinden. Het perceel was tot augustus 2002 als gronddepot in gebruik geweest en in december 2002 ontruimd. Het college verklaarde een bezwaar tegen dit besluit ongegrond en de rechtbank bevestigde dit in februari 2004.
Appellant stelde dat het college ten onrechte geen handhaving toepaste. De Raad van State oordeelde dat de aanleg van een aarden wal en verhardingen niet in strijd zijn met het bestemmingsplan en dat het gebruik van het perceel als gronddepot inmiddels was beëindigd. Het hekwerk was zonder bouwvergunning geplaatst, maar het ontbreken van een aanvraag op het moment van besluit vormde geen reden voor handhaving, mede omdat later alsnog een vergunning werd verleend.
De Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het college terecht heeft afgezien van handhavend optreden, gelet op het ontbreken van strijdig gebruik en het uitzicht op legalisatie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.