ECLI:NL:RVS:2004:AR5473
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift tegen bouwvergunning aanlegsteiger
Het college van burgemeester en wethouders van Reiderland verleende op 7 augustus 2002 een bouwvergunning voor een aanlegsteiger op een perceel in de gemeente Reiderland. Appellanten dienden een bezwaarschrift in, dat door het college niet-ontvankelijk werd verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank Groningen verklaarde het beroep van appellanten ongegrond en bevestigde de niet-ontvankelijkheid.
Appellanten gingen in hoger beroep bij de Raad van State, stellende dat zij redelijkerwijs niet in verzuim waren geweest. De Raad oordeelde dat de bekendmaking van het besluit op juiste wijze had plaatsgevonden en dat de termijn voor het indienen van bezwaar was begonnen op 8 augustus 2002 en eindigde op 18 september 2002. Uit publicaties en correspondentie had appellanten duidelijk moeten zijn dat de termijn was aangevangen.
De Raad stelde vast dat appellanten geen gegronde redenen hadden om het bezwaarschrift later in te dienen en dat het hoger beroep ongegrond was. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het bezwaarschrift bevestigd.