ECLI:NL:RVS:2004:AR5806
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. Oosting
- M.A.G. Stolker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing handhavingsverzoek tegen lozing huishoudelijk afvalwater op oppervlaktewater
Appellant verzocht het waterschap de Dommel om handhavend op te treden tegen het lozen van regenwater vermengd met huishoudelijk afvalwater op oppervlaktewater bij een perceel in een woonplaats. Verweerder wees dit verzoek bij besluit van 10 januari 2001 af, omdat de overtreding reeds was beëindigd door het loskoppelen van hemelwater- en vuilwaterafvoer en het plaatsen van een terugslagklep.
Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd bij besluit van 14 april 2004 ongegrond verklaard. Hiertegen stelde appellant beroep in bij de Raad van State. Tijdens de zitting op 26 oktober 2004 verschenen partijen en een derde partij werd gehoord.
De Raad van State overwoog dat appellant erkende dat het niet langer mogelijk was huishoudelijk afvalwater op de sloot te lozen en dat de overtreding van het Lozingenbesluit huishoudelijk afvalwater was beëindigd. De beroepsgronden van appellant betroffen waterkwantiteitsaspecten die niet relevant waren voor het handhavingsverzoek. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werden de proceskosten niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het handhavingsverzoek wordt ongegrond verklaard.