ECLI:NL:RVS:2004:AR6304
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R. Cleton
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen weigering goedkeuring wijzigingsplan nabij rijksmonument
Het college van burgemeester en wethouders van Kessel stelde op 14 april 2004 een wijziging van het bestemmingsplan “Buitengebied” vast voor een bouwkavel aan de Roode Eggeweg. Verweerder, het college van gedeputeerde staten van Limburg, onthield bij besluit van 22 juni 2004 de goedkeuring aan dit wijzigingsplan omdat niet alle relevante belangen, met name die van de nabijgelegen rijksmonumentale St. Anthoniusmolen, waren betrokken.
Appellant, eigenaar van het perceel, stelde dat de goedkeuring ten onrechte was onthouden omdat het plan binnen de wijzigingsbevoegdheid van het bestemmingsplan viel en geen nieuwe inzichten of beleid aan de orde waren. Tevens wees hij op een ander wijzigingsplan in de omgeving dat wel was goedgekeurd en de toekomstige verplaatsing van de molen.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de wijzigingsbevoegdheid een discretionaire bevoegdheid is en dat verweerder moest toetsen of het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Gezien het belang van de molen en de omgeving mocht verweerder verwachten dat het college van burgemeester en wethouders deze belangen bij de vaststelling zou betrekken. De vergelijking met het andere wijzigingsplan was niet relevant omdat dat plan een woning betrof en de plannen voor verplaatsing van de molen niet ver genoeg gevorderd waren.
De Afdeling concludeerde dat verweerder terecht goedkeuring had onthouden omdat het wijzigingsplan in strijd was met een goede ruimtelijke ordening en het besluit niet onrechtmatig was genomen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om goedkeuring aan het wijzigingsplan te onthouden is ongegrond verklaard.