ECLI:NL:RVS:2004:AR6316
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- J. Heijerman
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vergunning tijdelijke loswal zandleverantie
Verweerder heeft op 20 februari 2004 een vergunning verleend aan Park Allemansgeest C.V. voor het oprichten en in werking hebben van een tijdelijke loswal voor zandleverantie aan de Zuid-Hoflandse polder langs de Vliet. Appellant heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de Raad van State. Verweerder stelde dat appellant geen belanghebbende was en het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
De Raad van State oordeelde dat appellant tijdig bedenkingen had ingebracht tegen het ontwerpbesluit en daarom ontvankelijk was in het beroep. Appellant betwistte de begrenzing van de inrichting en vreesde geluidshinder en overlast door verwaaid zand over het gehele terrein van de Zuid-Hoflandse polder.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het terrein waar het zand wordt verspreid geen vergunningplichtige inrichting vormt en dat de Wet milieubeheer geen bescherming biedt tegen nadelige milieugevolgen van bouwactiviteiten die niet vergunningplichtig zijn. Daarom was het terecht dat verweerder de overlast van de bouwactiviteiten buiten beschouwing liet bij de vergunningverlening. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor de tijdelijke loswal wordt ongegrond verklaard.