ECLI:NL:RVS:2004:AR6752
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen verbod op levende muziek in horecagelegenheid te Groningen
Verzoekster exploiteert een horecagelegenheid op het perceel Boterdiep 46 te Groningen. Het college van burgemeester en wethouders stelde bij besluit van 14 september 2004 nadere eisen, waaronder een verbod op het ten gehore brengen van levende muziek, vanwege geluidsoverlast in een aangrenzend kamerverhuurbedrijf.
Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening. Zij stelde dat het verbod haar onevenredig zwaar treft en haar voortbestaan bedreigt. Tevens voerde zij aan dat slechts in één studentenkamer, die leegstaat, sprake is van geluidsoverlast en dat zij bereid is deze kamer te huren. Ook betoogde zij dat verweerder onvoldoende heeft onderzocht of minder ingrijpende maatregelen mogelijk zijn.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak constateerde dat het bestreden besluit onvoldoende inzicht geeft in de belangenafweging tussen verzoekster en de derde belanghebbende en dat er geen onderzoek is gedaan naar alternatieve maatregelen om geluidsoverlast te voorkomen. Gezien deze tekortkomingen en het ontbreken van klachten van omwonenden werd het verbod geschorst en werd een voorlopige voorziening getroffen waarbij levende muziek maximaal twee avonden per week tot 1.00 uur is toegestaan.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot betaling van de proceskosten en vergoeding van het griffierecht aan verzoekster.
Uitkomst: Het verbod op het ten gehore brengen van levende muziek wordt geschorst en beperkt tot maximaal twee avonden per week tot 1.00 uur.